4. Wachten en omdraaien
Nu komt het moeilijkste moment bij het bakken van een biefstuk, want pas als het vlees vanzelf loslaat mag u het omdraaien en de warmtetoevoer terugschakelen. Een biefstuk van twee centimeter dikte kan na ongeveer twee minuten worden omgedraaid en dan aan de andere kant gebakken worden gedurende twee minuten.
Het vlees heeft nu een dunne korst aan de buitenkant – maar is van binnen sappig en roze. Dit wordt 'medium' genoemd. Bak de biefstuk korter wanneer u de voorkeur geeft aan saignant (rood).
Een biefstuk is doorbakken als het sap wat er uit komt bij het snijden niet meer dieprood is. De vuistregel is dat u voor elke centimeter dikte de biefstuk één minuut moet bakken. U kunt voelen hoe gaar het vlees is, door er zachtjes met de spatel op te duwen (veerkrachtig = rood, een beetje weerstand = medium, stevig = doorbakken). Kort voor het eind van de baktijd voegt u zout en peper toe.
U kunt hier een uitgebreide handleiding downloaden.